Laten

NUTS – I love nuts. When I get depressed in the holidays I crack nuts open with my head. The brain damage helps me forget the pain. – Anonymous 

Morgen is er weer een nacht om alles links te laten liggen. Alle wolken zijn zwanger van de hitte, en over dertig zomers is het tweeduizendtwintig. Of het weer dan bevalt zullen we nog maar zien. Post ironische stress maakt zich van mij meester, ook al gaat het leven soms vooruit. Mijn psycholoog besloot dat ik een vermijdende persoonlijkheidsstoornis heb. Ik heb haar ter plekke ontvolgd op Instagram. Wie zal nu je #balconyvibes foto’s bekijken, dikbenige stalknoert? Gefeliciteerd, je bent helemaal niemand meer. Ik beende vinnig huiswaarts. Ik keek niet om, waarom zou ik.

Plot twist: dit was een fijn staaltje klikaas trucage. Ik haal namelijk tegenwoordig voldoening uit banden opbouwen met mens en dier. Ja, het staat er toch echt. De Turken moet ik nog aan wennen, maar we komen d’r wel. Stiekem ben ik kanker liefdevol. Ik meet mezelf tegen een onmogelijke standaard omdat ik er van uit ga dat iedereen me ook per direct een schichtig kronkelwormpje vindt. Ons onderzoeksteam ging op pad en kwam er achter dat het negenentachtig procent “geen flikker boeit” wat ik doe, want “letterlijk wie is hij”. De andere procenten bestonden uit het onderzoeksteam zelf. Stomme Turken.

Zoals geschreven verberg ik me vaak achter een regengordijn aan ironie, ter bescherming tegen het feit dat alles me hartstikke aangrijpt. Ik hou de wereld niet meer bij. Alleen absurdisme is nog logisch, en alleen verliezers doen aan emoties – aldus de meest miserabele man op aarde. Een oneerlijke wereldvisie. Als ik ergens een hekel aan heb, dan zijn het wel oneerlijke mensen en zeemeeuwen. Zeemeeuwen zijn stiekem kleine oneerlijke mensen met vleugels. Ik wil ze kortwieken.

Je voordoen als quasi-apathische leunjeugd maakt je de avant garde der posers. Als nihilist hoef je geen consistente leefregels te hebben. “Was ik 3, 4 jaar terug echt zo kut?” vroeg ik, hysterisch mensen vastklampend op straat en die keken dan echt zo van ja lekker gênant dit. Mijn leven draait om wat anderen van me denken. Waarom? Fuck jullie. Soms ben ik echter wel op mijn gemak en dan vind ik mezelf vervelend. In een moment van l’appel du vide moet ik mezelf weerhouden om hilarische dingen te plaatsen op de web zone waarvan ik later denk: het is tijd om te stoppen. Verdoemd zij mijn talent. Ik ben te goed geworden in mezelf verslaan via zelfsabotage. Hou me tegen of ik doe het zelf al voor je.

Wat in mij dan wel ‘n gezonde portie gramschap deed opborrelen was dat Spotify afspeellijsten heeft voor iedere emotie, behalve woede. Waarom wordt mij niet toegestaan om misnoegd te zijn? “Wat is dit, ‘n dystopische roman van Orson Welles die ik stiekem Orson Nietes gelezen heb? Wie denken jullie dat ik denk dat ik ben? Jij en welk leger?!” kraaide ik koperkelig naar de hemelen, gebalde vuisten opgestoken, vervuld van toorn en donder. Men keek mij aan, ik kwam tot bedaren. Het hoort allemaal  bij het groeiproces, fluisterde ik hees.

O morgen o zorgen o zomer o dood. Het mes zingt broos op het juk van het been. Ik kom maar niet tot wasdom. Ik ben een made in het vlees – ik gruw van het verschiet. Het is benauwend om mij te zijn, en in de toekomst is de adem op. Hoe lang duurt geduld? Ik breek nog eerder dan de regen. Laat mij hardop verschillig zijn. En laat mij niet meer denken. Laat mij over straat kunnen lopen zonder ogen te ontwijken, de angst verdrinken,. En laat mij in de spiegel kunnen kijken, niet gefrustreerd omdat ik iemand zie die ik niet oké vind. Want als ik in de spiegel kijk zie ik iemand die er niet hoort. Laat me wakker worden zonder uitgeput te zijn van zelfhaat. Laat me nachtmerries hebben met subtielere symboliek. Laat me mijn ouders kunnen bellen zonder dat het om geld gaat. Laat me niet bitter zingen om wat ik niet heb, of hoe anderen leven – gewoon oprotten. Morgen is er weer een nacht. Laten we het opnieuw proberen.

 

 

 

Advertisements